vrijdag 1 juni 2012

Het kabinet van de familie Staal


Verstrikt geraakt in
‘t vangnet van hun steken
van averecht over het recht
breit ze slechts
aan een grijze vrede

Een naald vol roest
laat moeilijk steken glijden
een vangnet is niet
recht te breien
door ribbels langs
een muizentandpatroon

Zolang de kluwens
blijven zwijgen
tikken de naalden
grijzig voort

Wanneer de
strakgetrokken draden
het vangnet pogen te verlaten
in kluwens
die het zwijgen
hebben overstemd
blijkt het katoen
in staaldraad
te zijn omgezet.

Coby Poelman-Duisterwinkel

Geschreven n.a.v. het gelijknamige boek van Yolanda Entius.

http://literatuurgedichten.blogspot.com

donderdag 24 mei 2012

De draad en de vliegende naald (Gedichtenblog 47)


Wanneer besef je
dat een uitroepteken
je moederschap bepaalt,
de punt verandert
in een oog
en jij vraagtekenend
de nieuwe draad.

Vliegend word ik
verder voortgetrokken
langs kiezelstenen,
lettergrepen,
handgebaren,
namenreeksen,
twee ongelijke schoenen
in de hand.

Mijn leven
naast de stilte
van jouw lichaam
levenloos
vliegt in één nacht
over jouw antwoorden
in de vergeelde dozen.

Langzaam dringt
het tot me door
dat jij, mijn zoon
sinds lang niet
in de holte
van mijn vraagteken
meer past.

Coby Poelman-Duisterwinkel

Geschreven n.a.v. het gelijknamige boek van Gerdien Verschoor.

woensdag 16 mei 2012

Hemelvaartsgedachte (Gedichtenblog 46)


Wolkend
aan het mensenoog onttrokken
houdt Hij zijn oog op ons
door wolken heen
troostend

Coby Poelman-Duisterwinkel

Het kunstwerk is van Anco Wigboldus

zondag 13 mei 2012

Stille moederdag (Gedichtenblog 45)

Op deze stille moederdag
denk ik aan al Uw kinderen
van wie de moeder niet meer is,
vandaag een dag is van gemis.

Geef Heer dat juist op deze dag
Uw liefde hen omringen mag.

Coby Poelman-Duisterwinkel

dinsdag 8 mei 2012

Moederdaggevoel (Gedichtenblog 44)

Als ik naar huis gerend was
de achterdeur nog open
om te vertellen
wat ik had gescoord,
zij was er, de handen
in elkaar slaand
tot in de nacht
had ze me overhoord

de kale plek voor ’t aanrecht
woog de zorgen
die onder afwas
werden doorgepraat
was ze alleen
dan zong ze psalmen
gaf ze zich over aan
haar Toeverlaat

ik rook haar warmte
als de tranen kwamen
de grotemensenwereld me
te machtig werd
als pleisters niet alleen
meer konden helpen
ze leefde mee
met elk facet

inlevend las ze voor
onder de lamp
boven de
etenstafel
nog zie ik
het door haar
gesteven kleed
en proef de smaak van wafels.

als ze eens wist hoeveel ik
van haar leerde
kon ik nog éénmaal
lezen haar gezicht
vandaag zie ik
haar leven
door Zijn ogen
in ‘t hoogste Licht.

Coby Poelman-Duisterwinkel

http://dichteningroningen.blogspot.com